Giso    
     



 

 

 

   

 

 

De eerste graad.

In de eerste graad spreken we nog niet over de onderwijsvormen ASO, TSO, KSO of BSO. De opleiding is voor het grootste deel gemeenschappelijk, al is er wel een verschil tussen de A-stroom (het eerste leerjaar A en het tweede leerjaar van de eerste graad) en de B-stroom (1B en BVL).
1A en 2A.
Leerlingen die het getuigschrift van basisonderwijs gehaald hebben kunnen starten in 1A. Het GISO biedt een volledige eerste graad aan die de doorstroming naar alle andere onderwijsvormen toelaat.

De optiepakketten waaruit je kan kiezen zijn:

Voor het eerste jaar A:

  • wetenschappen en techniek
  • wetenschappen en sport
  • techniek

Voor het tweede jaar A:

  • optie mechanica-elektriciteit

1B.

Het eerste leerjaar B vangt leerlingen op die na de basisschool om één of andere reden geen aansluiting vinden met het eerste leerjaar A. De meesten hebben het getuigschrift van basisonderwijs niet behaald. Een aantal onder hen is al leermoe door een gebrek aan succeservaringen in de vorige schooljaren. Een belangrijke doelstelling is dan ook om deze jongeren terug met plezier naar school te laten gaan.

Een groot gedeelte van de wekelijkse lesuren gaat naar algemene vorming die echter niet te theoretisch wordt aangeboden. Boeiende en zinvolle werkvormen scherpen de natuurlijke nieuwsgierigheid weer wat aan.

Een deel van de wekelijkse lesuren gaat naar technologische opvoeding.
Hierin kunnen de leerlingen zich uitleven in allerhande technische activiteiten. Het doel is kennismaken met de wijze waarop iets gemaakt kan worden. Het bewerken en verwerken van verschillende grondstoffen, het toepassen van technieken, het gebruik maken van gereedschappen en apparaten en het werken volgens plan komen ondermeer aan bod.

Het is mogelijk om na het eerste leerjaar B alsnog over te stappen naar het eerste leerjaar A. De klassenraad oordeelt of deze keuze wenselijk is en kans op succes maakt.

Leerlingen die slagen in 1B ontvangen het getuigschrift van basisonderwijs.


BVL.

In de praktijk is het zo dat de meeste 1B-leerlingen overgaan naar het beroepsvoorbereidend leerjaar. Dit is een tweede leerjaar en meteen de start van een beroepsopleiding. Ouders en leerlingen moeten hier gelukkig nog niet kiezen voor één beroep maar ze beslissen wel om een bepaalde richting in te slaan. Deze richtingen worden beroepenvelden genoemd. In het GISO is dit beroepenveld NIJVERHEIDSTECHNIEKEN.

De helft van de wekelijkse lesuren wordt besteed aan algemene vorming, de andere helft aan praktijk en technische ondersteuning binnen het beroepenveld.

Leerlingen die 1B gevolgd hebben maar niet geslaagd zijn kunnen in het BVL worden ingeschreven. Zij ontvangen na het BVL het getuigschrift gelijkwaardig met het getuigschrift van basisonderwijs en het getuigschrift van de eerste graad secundair onderwijs.

 


De tweede graad.

Vanaf de tweede graad worden de vier onderwijsvormen ASO, TSO, KSO en BSO aangeboden. In elke vorm blijft er aandacht voor een gedeelte basisvorming (algemene vakken). Het fundamenteel gedeelte, in het BSO ruim 2/3 van het totaal aantal wekelijkse lesuren, is kenmerkend voor de studierichting. Verwante studierichtingen worden verzameld in een studiegebied. In het GISO is dit MECHANICA-ELEKTRICITEIT.

Het is niet eenvoudig je weg te vinden in het groot aanbod van studierichtingen. Bovendien lijkt het erop dat veel ouders of leerlingen eerst kiezen voor een bepaalde school. Praktische overwegingen en de reputatie van de school spelen hierbij de belangrijkste rol. Pas daarna wordt uit het beperkte aanbod van die school een keuze gemaakt voor de studierichting. Voor sommige jongeren betekent dit dat ze niet terechtkomen in de richting waarvoor ze het meest belangstelling hebben. Een sterke motiverende factor valt hierdoor weg.

Omdat veel leerlingen op deze leeftijd nog geen idee hebben van wat ze later graag willen gaan doen is beslissen niet eenvoudig. Het is dan ook geruststellend dat de keuze voor een studierichting in de tweede graad nog niet onherroepelijk is. Na de tweede graad is het mogelijk om van studierichting te veranderen.

Leerlingen die slagen in het tweede leerjaar van de tweede graad ontvangen het getuigschrift van de tweede graad van het secundair onderwijs.


 

De derde graad.
In de derde graad wordt de opleiding specifieker. Het fundamenteel gedeelte bundelt alle vaardigheden en technische kennis die een vakman nodig heeft om zijn of haar beroep uit te oefenen. In het GISO bieden we de studierichtingen CARROSSERIE en LASSEN-MONTEREN aan.

Om de stap naar het echte bedrijfsleven zo vlot mogelijk te laten verlopen worden er bovendien stages georganiseerd.
Veel scholen programmeren het vak bedrijfsbeheer als voorbereiding op het statuut van zelfstandige.

Leerlingen die slagen in het tweede leerjaar van de derde graad ontvangen het studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs met vermelding van de specialiteit.

Leerlingen die slagen voor het vak bedrijfsbeheer ontvangen het getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer. Dit attest is vereist bij de vestiging als zelfstandige
 

Het specialisatiejaar.
Het succesvol doorlopen van het tweede leerjaar van de derde graad kan het eindpunt zijn van de opleiding. Het studiegetuigschrift biedt voldoende garanties om op de arbeidsmarkt een volwaardige job te vinden.
Toch kan de jongere nog een troef achter de hand houden door te opteren voor een zevende leerjaar. Dit specialisatiejaar heeft twee doelstellingen. De vakbekwaamheid wordt verder uitgediept of gespecialiseerd en het gedeelte algemene vorming krijgt weer meer aandacht. Het resultaat is een volwaardig diploma secundair onderwijs. Net als in de andere onderwijsvormen opent dit diploma de poort naar hogere studies. Het GISO biedt twee specialisatiejaren aan: Cartuning & lettering en buisbewerking.
Leerlingen die slagen in het specialisatiejaar ontvangen het diploma secundair onderwijs.